De klant kreeg op 18 december 2019 een uitkering van een reisverzekeraar van 5.889 euro in verband met zoekgeraakte koffers. De klant nam dat geld cash op en legde een deel ervan in een kluis. In de nieuwjaarsnacht werd er volgens de consument ingebroken in haar woning. Behalve de kluis werden ook gouden sieraden van haar dochters weggenomen. Sieraden die ze net die kerst van hun opa hadden gekregen.
Raam niet geforceerd
De verzekerde wijst de ingeschakelde expert op de braakschade aan een kiepraam waar een rolluik voor zit. Uit het technisch onderzoek dat erop volgt blijkt echter dat het niet mogelijk is om het raam te openen op de manier die verzekerde vermoedt. Alleen met een grote hefboom zou het misschien kunnen de acht sluitpunten te forceren, maar dat komt niet overeen met de zeer beperkt aangetroffen braakschade.
'Voorbereidende handelingen'
Centraal Beheer wijst de schade af en royeert de klant in verband met opzettelijke misleiding. “Dat de consument in de periode voor de inbraak veel geldopnames heeft gedaan, de geldbedragen in huis bewaarde en kort voor de inbraak gouden lijfsieraden heeft gekregen kan als voorbereidende handelingen worden aangemerkt. Ten slotte is het bijzonder dat de consument de schade aan het kozijn niet gemeld heeft bij de woningbouwvereniging”, zo onderbouwt de verzekeraar het besluit.
Enscenering niet bewezen
De Geschillencommissie oordeelt echter anders. Er is volgens hen wel degelijk sprake van een verdachte situatie, maar opzettelijke misleiding door een geënsceneerde inbraak achten ze niet bewezen. Het zou ook mogelijk zijn dat de inbrekers op een andere manier dan door het kiepraam binnen zijn gekomen. De bijkomende omstandigheden zijn opmerkelijk, maar vormen evenmin een sluitend bewijs voor fraude.
Geen braak, geen dekking
Centraal Beheer hoeft de schade evenwel niet te betalen. Om dekking voor diefstalschade te krijgen, dienen er volgens de voorwaarden zichtbare sporen van braak te zijn. Die zijn bij het huis niet aangetroffen. De geschillencommissie benadrukt dat haar uitspraak geen contradictie is. Het feit dat niet bewezen is dat de inbraak in scène werd gezet, betekent niet automatisch dat er wél een inbraak heeft plaatsgevonden.
Polis herstellen
Het Achmea-label moet de vermeldingen in de frauderegisters doorhalen. Het direct ingaande royement kan ook niet blijven staan. CB doet wel een beroep op het royement vanwege het gebrek aan vertrouwen, maar daar gold een opzegtermijn van twee maanden voor. Indien de consument dat wenst, moet de verzekering dus met terugwerkende kracht hersteld worden. De uitspraak is bindend.