Op 24 oktober 2014 heeft de acceptant van Centraal Beheer de aanvraag afgewezen. Op het aanvraagformulier vulde de man netjes in dat zijn vorige polis geroyeerd was. Per brief liet Centraal Beheer weten dat alle merken binnen de Achmea-groep op de hoogte worden gesteld van de afwijzing. Dat Achmea ook risicodrager is voor de Hema-autoverzekering zal hij niet geweten hebben, want daar doet hij zijn volgende aanvraag op 27 oktober 2014.
Arbeidsongeschikt na ongeval
Ondanks de eerdere afwijzing bij CB, wordt de polis nu wel geaccepteerd. De man vult bij de aanvraag in dat hem nooit eerder een verzekering is geweigerd. In februari 2015 loopt de man letsel op bij een ongeval, waarna Achmea begint met uitkeren. In juni 2019 ontdekt de verzekeraar de afgewezen CB-aanvraag. Per brief wordt de klant ingelicht dat de uitbetalingen onverschuldigd waren en teruggevorderd worden.
'Acceptatie voor rekening Achmea'
De klant ontkent niet dat zijn aanvraag onjuist was. Bij Kifid stelt hij dat Achmea bij de aanvraag op de hoogte was van zijn schending van de mededelingsplicht, het accepteren van de polis is dus voor hun rekening. De verzekeraar kan dat wat hem betreft niet na vijf jaar van schaderegeling alsnog voor de voeten gooien. Bovendien vindt hij dat Achmea de aanvraag had moeten onderzoeken. Als ze dat gedaan hadden, dan had hij de wanbetaling kunnen verklaren. Naar zijn mening heeft Achmea hem die kans ontnomen.
Volgens Achmea kan de klant geen rechten ontlenen aan het feit dat zijn schade vijf jaar lang doorbetaald is. Pas op 28 oktober 2014 werd de CB-afwijzing in het systeem van Achmea verwerkt. Een dag nadat hij geaccepteerd werd in het Hema-label. Achmea heeft dus niet willens en wetens de verzekering laten doorlopen. Toen een nieuwe behandelaar de fout zag, is de uitkering ook direct stopgezet.
Geen rechten aan termijn
Kifid volgt die lijn. Volgens de jurisprudentie is alleen de termijn waarop de onverschuldigde betaling doorliep onvoldoende om rechten aan te ontlenen. Andere bijzondere omstandigheden zijn door de consument niet aangetoond. Achmea heeft bovendien aan kunnen tonen dat het bij de juiste kennis van zaken de verzekering geweigerd had.
De geschillencommissie schrijft daarbij: “Consument kan zich er niet op beroepen dat Verzekeraar de betreffende verzwegen feiten reeds kende of behoorde te kennen als hij een daarop gerichte vraag onjuist heeft beantwoord.”
Opzet aangetoond
Omdat de klant wist dat correcte opgave van zijn verzekeringsverleden kon leiden tot een afwijzing, gaat Kifid ervan uit dat het verzwijgen gebeurde met de opzet om Achmea te misleiden. De klachten van de consument worden daarom afgewezen, de terugvordering van 110.617 euro is terecht. Omdat de consument bij het ongeval arbeidsongeschikt is geraakt, heeft Achmea bij de behandeling van de zaak een betalingsregeling voorgesteld.