Bejaarde vrouw grijpt naast overwaarde, maar houdt hypotheek: eigen schuld

Bejaarde vrouw grijpt naast overwaarde, maar houdt hypotheek: eigen schuld

Een vrouw die geen mede-eigenaar was van een woning, maar wel meetekende voor de hypotheek, kan het missen van overwaarde na het stuklopen van haar relatie niet in de schoenen van Rabobank schuiven, oordeelt Kifid. Waarschuwen voor dat risico was niet nodig.

Een stel op leeftijd zit eind 2015 bij de Rabobank. Ze willen een hypotheek sluiten; de man heeft op zijn naam een voorlopig koopcontract getekend voor een woning waar hij samen met zijn geliefde gaat wonen. Die geliefde wordt met andere woorden geen mede-eigenaar.

Hypotheek en samenlevingscontract

In januari rolt er op het Rabo-kantoor een offerte uit de printer en die bevalt het stel wel. Ze tekenen in dit geval wél allebei: voor een aflossingsvrije lening van € 48.000 en een doorlopend krediet van € 40.000.

Op de eerste dag van maart passeert de hypotheekakte, die dus op beider naam staat. Diezelfde dag sluiten ze een samenlevingsovereenkomst. Daarin staat dat bij verkoop van de woning of ontbinding van het samenlevingscontract de man twee derde van de over- of onderwaarde toekomt en de vrouw een derde.

Bank zei niets over risico's

Een jaar of vijf later loopt de relatie op de klippen en de vrouw wordt geconfronteerd met de afspraken die zijn gemaakt: zo gaat het grootste deel van de overwaarde aan haar neus voorbij. Dat was niet de bedoeling geweest; de (79-jarige) vrouw wil € 44.130 van de bank. Die had haar duidelijk moeten inlichten over haar risico’s, omdat ze wel mededebiteur werd op de hypothecaire lening met een looptijd van dertig jaar, maar geen mede-eigenaar van de woning. En bij beëindiging van de relatie zou ze maar recht hebben op een derde van de overwaarde. De Rabobank had ervoor moeten zorgen dat ze recht zou hebben op de helft van de verkoopwaarde.

Akte is duidelijk

Kifid gaat niet mee in de redenering van de vrouw. "In de hypotheekakte wordt duidelijk vermeld dat de woning alleen in eigendom toebehoort aan de ex-partner van de consument. Indien dit volgens de consument onjuist was en het de bedoeling was dat ook zij eigenaar zou worden van de woning, dan had de consument dat op dat moment moeten melden en had zij de hypotheekakte niet moeten tekenen", stelt de geschillencommissie droogjes vast. Maar ze heeft wel getekend, dus staat vast dat haar bedoeling was om géén mede-eigenaar te worden, zo is de conclusie.

De bank is niet betrokken geweest bij de afspraken in het samenlevingscontract, aldus Kifid. "Ook hiervoor geldt dat zij, indien zij het hier niet mee eens was, de samenlevingsovereenkomst niet had moeten tekenen of hierover op zijn minst vragen had moeten stellen aan de notaris."

Overeenkomst was bij onderwaarde juist gunstig

Eigen schuld, dus. Maar zelfs als de bank de vrouw niet goed over de risico's heeft geïnformeerd, hoeft er niet betaald te worden, aldus de geschillencommissie: "Ook indien zij mede-eigenaar was geworden van de woning, had zij op basis van de samenlevingsovereenkomst slechts recht gehad op een derde van de overwaarde." De overeenkomst met haar ex droeg overigens ook een risicobeperkend element in zich, voegt Kifid toe, voor het geval de woning minder waard zou zijn geworden. "In dat geval was de schuld die hierdoor was ontstaan immers ook maar voor een derde deel bij de consument terechtgekomen."

Bindend advies, 2022-0610

Rob van de Laar

Rob van de Laar

redacteur AM

Onderwerpen beheren

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.