Bewijs ontbreekt voor schenden mededelingsplicht; TAF moet gewoon uitkeren

Bewijs ontbreekt voor schenden mededelingsplicht; TAF moet gewoon uitkeren

TAF moet een klant met terugwerkende kracht tot oktober 2020 maandelijks bijna duizend euro uitkeren omdat de gevolmachtigde niet kan bewijzen dat de vrouw al bij het wijzigen van de dekking van haar woonlastenverzekering onjuiste informatie heeft verstrekt. Niets wijst daar volgens de geschillencommissie van Kifid op.

De vrouw beantwoordde vorig jaar maart bij het aangaan van de TAF maandlastenberschermer de vraag of er kennis is van een dreigend ontslag ontkennend. Toen ze per oktober 2020 geen baan meer had, wendde ze zich tot de gevolmachtigde voor de maandelijkse uitkering van 981 euro. Die weigerde tot uitkering over te gaan, omdat de vrouw de mededelingsplicht zou hebben geschonden met de bedoeling om de verzekeraar te laten uitkeren zodra zij werkloos zou worden.

Verklaring werkgever klopt niet

TAF baseerde zich daarbij onder meer op een verklaring van de voormalige werkgever van de vrouw. De betreffende verklaring strookt echter niet met berichten die de vrouw en de werkgever kort voor het sluiten van een vaststellingsovereenkomst hebben uitgewisseld. Van een conflict dat tot ontslag zou kunnen leiden was geen sprake en ook kon de vrouw bij het wijzigingen van de verzekeringsdekking niet hebben geweten dat haar ontslag boven het hoofd hing. De werkgever bleek later ook te hebben aangegeven zijn verklaring te willen intrekken.

Nieuw argument niet beoordeeld

Tijdens de zitting van de geschillencommissie kwam TAF met een nieuw argument voor het afwijzen van de claim door een beroep te doen op een artikel in de verzekeringsvoorwaarden dat nog niet eerder was benoemd als reden voor de afwijzing. “Dit beroep is te laat gedaan”, aldus de commissie in haar bindende uitspraak. “Deze grond kan gevolmachtigde niet pas voor het eerst in zo’n laat stadium ten grondslag leggen aan de afwijzing. De commissie komt dan ook aan een beoordeling van deze grondslag niet toe.”

Geen verwijtbare werkloosheid

De commissie oordeelt dat het dienstverband van de vrouw “binnen de grenzen van de geldende arbeidsovereenkomst is beëindigd. Van verwijtbare werkloosheid is geen sprake”. TAF kan haar standpunt evenmin onderbouwen dat sprake zou zijn van een fictief dienstverband dat alleen maar tot stand is gekomen en is beëindigd met als doel aanspraak op de verzekering te kunnen maken. “Het blijft bij een vermoeden dat in de stukken niet wordt bevestigd.”

Onderwerpen beheren

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.