De klant in deze Kifid-zaak heeft een doorlopende reisverzekering bij Hema. Hij doet daarop een beroep nadat in januari 2016 zijn skibril, skihelm, handschoenen en jas gestolen worden in restaurant. Hij had alle kleding op een speciaal daarvoor bedoelde locatie in het restaurant neergelegd. Dit was geen (bewaakte) garderobe, maar de goederen lagen op 10 meter afstand van zijn tafeltje. Bovendien had hij zicht op zijn kleding.
Voorzichtigheidsclausule
Hema wijst een diefstalclaim echter af met een beroep op voorzichtigheidsclausule ‘2.3.4’ in de polisvoorwaarden. Daarin staat: “Als u niet voorzichtig genoeg was en er daardoor iets met uw bagage of reisdocumenten gebeurde, vergoeden we dat niet. U moet alles doen om te voorkomen dat uw spullen worden gestolen, dat u ze kwijtraakt of dat ze beschadigd raken.”
Niet permanent in zicht
Over de betekenis van de zinsnede “alles doen om te voorkomen” blijken Hema en Kifid van mening te verschillen. Volgens de verzekeraar kon iedereen bij de plek waar de verzekerde zijn kleding had achtergelaten. De verzekerde was dus onvoorzichtig. “Het is algemeen bekend dat het achterlaten van spullen op een onbeheerde plek in een restaurant een verhoogd risico op diefstal meebrengt. Ook al heeft Consument goed zicht gehad op de garderobe, dan nog zal hij zijn spullen tijdens het eten niet permanent in het zicht hebben gehad”, aldus Hema.
Ernstige mate van schuld
De geschillencommissie van Kifid is het daar niet mee eens. Ze stelt dat de voorzichtigheidsclausule in de polisvoorwaarden alleen geldt bij ernstige mate van schuld. “Uit de rechtspraak volgt dat deze clausule zo moet worden uitgelegd dat een verzekeraar dekking op grond van deze clausule alleen kan weigeren indien de verzekerde een ernstige mate van schuld te verwijten is. Lichte schuld is in dit kader niet voldoende.”
Meer voorzorgsmaatregelen
En van lichte mate van schuld was volgens Kifid in dit geval sprake. “Hoewel consument in dezen wellicht meer voorzorgsmaatregelen had kunnen nemen om de diefstal te voorkomen – bijvoorbeeld door zijn spullen mee te nemen naar de tafel – waardoor er mogelijk sprake is van een lichte mate van schuld van consument, kan naar het oordeel van de Commissie niet geoordeeld worden dat consument een ernstige mate van schuld te verwijten is, hetgeen een voorwaarde is voor een beroep op artikel 2.3.4. van de Voorwaarden. Daarbij neemt de Commissie in aanmerking dat consument de gestolen goederen heeft geplaatst in dezelfde ruimte als waar hij zich bevond en de spullen in het zicht van Consument waren, op ongeveer 10 meter bij hem vandaan.” Hema moet daarom de claim alsnog in behandeling nemen.
Eerder vergelijkbare veroordeling Hema
Eerder dit jaar veroordeelde Kifid Hema Verzekeringen ook al tot het uitkeren van schade die een klant claimde voor diefstal die onder zijn ogen plaatsvond. De verzekerde dronk een kop koffie bij een benzinestation in Spanje toen er twee rugzakken uit zijn huurauto werden ontvreemd. Ook hier was volgens Kifid geen sprake van ernstige schuld.