In een universal life-beleggingspolis wordt de ORV-premie maandelijks vastgesteld en onttrokken aan de waarde van de beleggingsverzekering. In 2007 was die premie inmiddels gelijk aan de inleg. Tijdens het adviesgesprek trad het inteereffect al op. Pas in 2010 volgt er opnieuw een adviesgesprek bij de bank waarna de ORV-dekking wel wordt aangepast.
Eerder advies was gewenst
Als de man in 2015 het product voortijdig afkoopt, klaagt hij bij Kifid dat hij niet vroeg genoeg door ABN Amro geïnformeerd is over het effect dat de ORV-premie heeft op de waarde van zijn polis. Wat de geschillencommissie betreft is het begrijpelijk dat de consument niet wilde overstappen naar een bankspaarproduct op het moment dat de verzekering nog nooit minder waard is geweest.
Geen bewijs dat er over ORV gesproken is
Ondanks het feit dat de man tegen het advies van de bank in handelde, lag het wel op de weg van ABN om meteen de overlijdensrisicoverzekering te bespreken. De bank kon geen documenten overleggen waaruit blijkt dat dit destijds wel gebeurd was. Het feit dat de consument bij het volgende adviesgesprek wél de dekking aanpaste, is voldoende reden om aan te nemen dat hij dat twee jaar eerder ook had gewild.
ABN Amro moet premie terugbetalen
Wat Kifid betreft heeft ABN Amro daardoor niet voldaan aan de zorgplicht. De bank moet de ORV-premie die het heeft geïncasseerd tussen 2008 en 2010 aan de consument vergoeden, plus het rendement over de opvolgende jaren over dat bedrag dat de klant is misgelopen. Een eerdere compensatie voor het inteereffect wordt van dat bedrag afgetrokken. De uitspraak is bindend.